Profiel Organisatie JCBW

 Doel

Het verzorgen van opleidingen, examenproeven en wedstrijden voor jachthonden onder auspiciën van de KNJV en reglementering ORWEJA.
Uitgangspunt is (voor)jager en diens hond opleiden voor het werk in het jachtbedrijf na het schot.
In het verlengde daarvan wordt een bijdrage geleverd aan in stand houding en verbetering van opgeleide jachthond in zijn kwaliteiten voor het werk na het schot.
Nevendoelstelling is het bieden van training en wedstrijden aan mensen die iets meer willen met hun jachthond

 Organisatie

De Jachthondencommissie Brabant West maakt onderdeel uit van het Gewest Brabant van de KNJV.
Functioneert zelfstandig onder auspiciën van de Jachthondencommissaris en penningmeester van dit overkoepelende bestuur.
De Jachthondencommissie Brabant West bestaat uit een aantal instructeurs (+/- 8), ondersteund door secretariaat. Samen vormen zij het team dat beleidsverantwoordelijk is.
Uit hun midden is een voorzitter gekozen, die leiding geeft en externe communicatie verzorgd.
Er wordt gewerkt vanuit activiteit- en taakgerichte functies:
Instructeurs zijn voor een seizoen gekoppeld aan een vaste cursusgroep en dragen verantwoordelijkheid voor organisatie van een van de te organiseren proeven van dat jaar.
Een aantal taken zijn t.b.v. de continuïteit toebedeeld aan vaste persoon. Dit betreft het voorzitterschap, wildcoördinatie, materiaalbeheer.
De jachthondencommissie wordt daarnaast actief ondersteund door een penningmeester. Deze taak kan door een van de leden, maar ook door een externe persoon worden uitgevoerd.
Met name in het opleidingsdeel wordt ook nog gebruik gemaakt van een aantal vrijwilligers, die als vaste helper het opleidingsgebeuren ondersteunen. Zij zijn geen lid van de commissie.
Alle leden maken deel uit van de Jachthondencommissie op vrijwillige basis. Vrijwillig is niet vrijblijvend, immers de commissie neemt ieder jaar de verplichting op zich om cursussen en proeven te organiseren, waar deelnemers op inschrijven en voor betalen.

Opleidingen

De CB cursus volgens het reglement van ORWEJA is de basis.
Hiervoor is een cursusboek ontwikkeld, gebaseerd op de 5 C en de 3 B onderdelen van de jachthondenopleiding. Dit cursusboek is leidend.
De cursusgroepen hebben de grootte van 8 deelnemers, gekoppeld aan een instructeur of een meervoud daarvan. Uitgangspunt is een eenheid van 2 instructeurs + een helper en 16 cursisten per opleidingslocatie.
De A cursus is het 2e aanbod. De A cursusgroep heeft een grootte van 5 deelnemers, met 1 instructeur en een helper
De jonge honden zijn een apart aandachtsgebied.
In de winter, als voorbereiding op de CB opleiding wordt een Jonge Hondencursus verzorgd, waarbij de aandacht vooral gericht is op de baas – hond verhouding, het aanleren van het appèl en voorzichtig begin met apport. Max aantal deelnemers is 16 (minimum 8) met 2 instructeurs
Sinds 2010 is het aanbod uitgebreid met 2 nieuwe cursussen:
De MAP B cursus, een cursus die voorbereid op wedstrijdvormen als de map en de working-tests. Maximum aantal deelnemers is 10 (minimum 5), met 1 instructeur en 1 helper
De Jagers cursus, een aanbod om gebruikshonden en hun (voor-)jager wat aangepaste training te geven als voorbereiding op het nieuwe jachtseizoen. Maximum aantal deelnemers is 10 (minimum 5), met 1 instructeur en 1 helper

Opleidingsbeleid

Zoals al vernoemd is het reglement van OWEJA gericht op de C, B, en A onderdelen van de opleiding van de jachthond voor het werk na het schot leidend. Veel aandacht wordt besteed aan het basis appèl. Uitgangspunt is de visie op opleiden van jachthonden:
Vanuit de raseigenschappen en het instinkt van de jachthond, beschikt deze vanaf de geboorte over een aantal jachtkwaliteiten. De opleiding is er op gericht dat de jachthond deze kwaliteiten kan verbeteren en in kan zetten onder leiding van zijn baas.
Wij gaan uit van het principe van zelfopleiding:
De baas (voorjager) richt zijn hond af (zorgt dat deze zijn jachtkwaliteiten onder zijn leiding uitvoert). Wij geven de baas instructie hoe hij/zij dat moet aanleren en verbeteren.
Het proces van aanleren wordt stapsgewijs toegewerkt naar de eindtermen van de 8 onderdelen de CB zoals dat in het examenreglement van ORWEJA staat omschreven. Streven is dan ook op aan het eind van de cursus alle 8 onderdelen zover mogelijk onder de knie te hebben en dit met een examen bekrachtigd te krijgen.
Praktijk is dat niet alle combinaties al in een cursus zover geraken en dan nog een 2e seizoen terug komen.
Belangrijk is wel dat na de volledige cursus de hond al mee op jacht kan, al gaat alles dan nog niet perfect.
Voor de A opleiding gelden aparte criteria. Voorwaarde is dat er een goede basis is om op verder te bouwen. Er moet vooraf sprake zijn van goede baas-hond verhouding en een hoog basis appèl. De hond moet zekere perfectie hebben bij het uitvoeren van CB.
In de CB en A opleiding wordt gaande weg zoveel mogelijk de jacht ook nagebootst. Daarvoor wordt met geschoten wild getraind en dit ook beschikbaar gesteld voor thuistraining.
Voor deelname aan beide cursussen worden vooraf verwachtingen gesteld:

• Aanwezigheid op de cursus
• Het thuis oefenen
• Het laten zien van vorderingen
• Combinaties die de opleiding willen volgen om enkel iets met hun hond te kunnen doen hebben geen prioriteit.

Met combinaties voorjager/hond die onvoldoende meekunnen, of blijk geven niet geschikt te zijn voor de opleiding en/of de jachtelementen, wordt het gesprek aangegaan over voortzetting cursus en zo nodig consequenties getrokken.
Afhankelijk van oordeel van de instructeurs kan een combinatie de cursus een keer herhalen. Criterium is dat er verwachtingen moeten zijn dat de combinatie zich nog zichtbaar kan verbeteren. Bij een 2e herhaling hebben we ernstige bedenkingen.
Ook hebben we ernstige twijfels bij combinaties waarvan de hond pas na het 2e jaar in de basisopleiding komt, maar willen we niet op voorhand uitsluiten. (vooral vanwege alles wat weer afgeleerd moet worden)

Terreinen

Voor de opleidingen en de proeven heeft de commissie een aantal terreinen ter beschikking. Hiervoor worden met terreineigenaren en beheerders vaste afspraken gemaakt en zo mogelijk contracten afgesloten. Deze terreinen zijn alleen beschikbaar voor de cursus of de proef. Buiten de cursus om mag er niet getraind worden. De jachthondencommissie kan bij overtreding hiervoor combinaties uitsluiten van de opleiding en proeven. Het kost al zoveel moeite om goed terreinen beschikbaar te krijgen en goede relatie met eigenaren en beheerders te behouden.
Hoofdlocaties die we gebruiken:
Klundert: hondensportterrein in de Groenstrook aan de Niervaartweg
Heerle: het terrein van de Familie Hectors aan de Boerenweg

Financieel beleid

Aan de organisatie en uitvoering van opleidingen en proeven zijn kosten verbonden. Inkomsten worden gegenereerd uit cursusgelden en inschrijfgelden voor proeven. Er is ruimte voor een bijdrage van de KNJV, maar daar wordt alleen maar gebruik van gemaakt voor activiteiten buiten de normale jaarlijkse orde (bv een jagersdag)
Er is een reserve om een tegenvaller te kunnen opvangen (bv. het niet doorgaan van een proef, of vervanging kapotte diepvries) Uitgangspunt is dus om ieder jaar budgettair neutraal uit te komen. In het najaar wordt daarvoor een begroting gemaakt voor het volgende jaar.
In het eerste kartaal van het jaar wordt over het financieel beleid van afgelopen jaar verantwoording afgelegd.
De Penningmeester stelt hiervoor een financieel verslag op, waarin alle mutaties staan verantwoord. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een boekhoudprogramma.
Dit financieel verslag wordt zodanig opgezet dat de jachthondencommissie inzicht krijgt in de inkomsten en kosten per activiteit (cursussen en proeven) en per kostensoort (reiskosten, vergunningen, diepvrieskosten, wild, enz.) Aan de hand van deze gegevens kan de jachthondencommissie jaarlijks beleid bijstellen. 1x per jaar wordt verantwoording afgelegd aan de penningmeester van het Gewest Brabant van de KNJV.
Jaarlijks wordt een bedrag gereserveerd voor 2 ontspanningsactiviteiten voor de leden van de jachthondencommissie.

Secretariaat

De organisatie van 5 cursussen en 3 proeven vraagt om een stevige secretariële ondersteuning.
Gezien de steeds verder toenemende complexiteit en bureaucratie is een 2 hoofdig secretariaat wenselijk, zodat het instructeurteam alle energie kan aanwenden voor directe hondenwerk (cursus geven + proeven opzetten en uitvoeren)
Hoofdtaken van het secretariaat zijn:
• Administratie rondom inschrijven van cursisten
• Administratie rondom inschrijven van deelnemers aan proeven
• Het maken van programmaboekjes voor proeven
• Administratie tijdens de proeven
• Verslaglegging van vergaderingen
• Regelen van vergunningen
• Afhandelen van post e.d.
Het secretariaat stelt jaarlijks een secretarieel verslag op, waarin alle activiteiten van het afgelopen jaar in samenvatting aan de orde komen en ontwikkelingen in de hoofdactiviteiten statistisch worden weergegeven.

Organisatie proeven

Voor ieder te organiseren evenement wordt een organisatieteam van 2 leden van de jachthondencommissie benoemd. Samen zijn ze verantwoordelijk voor voorbereiding en opzet en uitvoering van de betreffende proef.
Voor iedere proef is een draaiboek, waarin vanaf begin tot eind in detail alle uit te voeren onderdelen staan omschreven en zijn toebedeeld.
Jaarlijks worden 4 proeven georganiseerd:
Het Proefexamen voor cursisten
De KNJV proef in Klundert
De KNJV proef in Heerle
De MAP in Moerstraten of in Lage Zwaluwe

Communicatie en afstemming

De Jachthondencommissie komt 5 avonden per jaar samen ter vergadering.
Belangrijkste onderwerpen zijn de voorbereiding en de evaluatie van alle activiteiten, bijstellen beleid, taakverdeling.
Er wordt gewerkt met een jaarplan.
De voorzitter is verantwoordelijk voor de planning, taakverdeling en de communicatie. Het secretariaat ondersteunt praktisch (aanmelding cursisten en deelnemers proeven) en verzorgt notulen en besluitenlijst.
Notulen zijn niet openbaar.
Communicatie gaat tegenwoordig voor een belangrijk deel via digitale middelen. Email is hierin onmisbaar. De website wordt beheerd door het secretariaat.

Oktober 2011